Door alle drukte rondom de troonswisseling, hebben enkele andere nieuwsfeiten in de afgelopen tijd niet de aandacht gekregen, die zij verdienden. Neem bijvoorbeeld een uit zijn ambt gezette advocaat of een grienende Kamervoorzitter. Wellicht zullen zij in een van de volgende columns nog eens nader belicht worden, maar eerst wil ik ingaan op een alleraardigst diplomatiek schandaaltje, waar de krant enkele weken geleden melding van maakte. Wat was er aan de hand? Wel, tijdens zijn bezoek aan het Afrikaanse land Mali, kreeg de Franse president Hollande een kameel cadeau. Dit als teken van dank voor de Franse militaire steun in de strijd tegen de rebellen.
Natuurlijk dacht de president bij zichzelf: Wat moet ik met zo’n bultige lelijkerd?
Maar uiteraard kon hij zulke gedachten niet uitspreken. Integendeel. Hij zei zeer verheugd te zijn met dit onverwachte, originele cadeau. Daarbij grapte hij, dat hij op het prachtige dier een rit door Parijs zou maken.
Gelukkig diende zich een oplossing aan voor het persoonlijke presidentiële conflict. Iemand uit de omgeving claimde de eigenaar van het dier te zijn, en zei dat het van hem gestolen was. Natuurlijk kan je een gestolen kameel niet in het presidentiële vliegtuig mee naar huis nemen, dus werd er voor een tijdelijke oplossing gekozen. Het dier werd aan de zorgen van een Malinese boer toevertrouwd.
Voor zijn goede fatsoen liet de president zo af en toe informeren naar het welzijn van zijn kameel, en op zeker moment kwam het verschrikkelijke nieuws naar buiten: De familie aan wiens zorgen het beest was toevertrouwd, bleek de kameel te hebben opgegeten. Een genante vertoning. De Malinese president was woedend, en na een heftig debat in het parlement aldaar, werd de minister van kamelenzaken naar huis gestuurd. Om de omvang van de diplomatieke rel beperkt te houden, kreeg de Franse president een andere kameel, nog mooier en groter dan de vorige. Het beest werd onmiddellijk in het vliegtuig richting Parijs gestuurd, om herhaling van de blunder uit te sluiten.
Dus op een gegeven moment stond er een kameel de achtertuin van het presidentiële paleis onder te schijten. En had het geen enkele zin om sla te planten of krootjes te zaaien. De plantjes zouden worden verorberd, voordat ze tot wasdom waren gekomen.
Mevrouw Hollande – een verwoed tuinierster – dreigde haar echtgenoot: ‘Dat beest eruit, of ik eruit.’ Dus de kameel moest eruit. Maar hoe? De president zal hebben gedacht: Wat die boer kan, kan ik ook – we eten hem op. Hij legde het plan aan zijn vrouw voor, maar die riep verbolgen: ‘Geen denken aan! Je gelooft toch niet dat ik gehaktballen van kamelenvlees ga draaien?’
Dus bultmans moest op een andere manier de deur uitgewerkt worden. De presidentiële hersenen kraakten. Hij dacht: We beschikken over een grote Europese markt. Daar kan ik wat mee.
Een weekje later stond er weer een berichtje in de krant. Een slager uit Leeuwarden heeft een nieuwe delicatesse in omloop gebracht: een broodje kameel.
‘Kamelenvlees is lekker mals en is goed voor de gezondheid. Weinig vet en geen cholesterol,’ verantwoordde de slimme Fries zijn vinding.
Hij houdt bij hoog en bij laag vol, dat hij het vlees uit Australië importeert. Maar wij weten wel beter!
No comments:
Post a Comment